Meer blogs


Naar archief >

Delen

U bevindt zich hier: Trending > Blog > Belastingplan 2019: het kabinet denkt niet mee met het MKB?

Belastingplan 2019: het kabinet denkt niet mee met het MKB?

Per saldo gaan vrijwel alle ondernemers en bedrijven erop vooruit tijdens deze kabinetsperiode. Dit staat in het Belastingplan 2019, dat staatssecretaris Snel van Financiën aan de Tweede Kamer heeft aangeboden. Maar het Belastingplan heeft ook maatregelen die nadelig uitwerken voor het midden- en kleinbedrijf (MKB). In deze blog noemen we de positieve én negatieve gevolgen.

Positieve gevolgen
Ondernemers lijken erop vooruit te gaan. Zo nemen door de geleidelijke invoering van een tweeschijvenstelsel in de inkomstenbelasting met een basistarief (37,05% in 2021) en een toptarief (49,5% in 2021), de besteedbare inkomens toe van alle personen met een inkomen vanaf € 20.000 per jaar. Ook wordt het tarief in de vennootschapsbelasting voor winsten tot € 200.000 in stappen vanaf 2019 verlaagd van 20% naar 15% in 2021. Voor winsten boven € 200.000 wordt het tarief (vanaf het jaar 2020) eveneens verlaagd: het tarief komt in 2021 uit op: 20,5%.

Nadelige gevolgen
Er zijn ook diverse maatregelen die nadelig uitwerken voor het MKB, zoals:

  • De verhoging van het lage btw-tarief van 6% naar 9%. Dit is een een maatregel die voor het MKB slecht kan uitpakken, immers eerdere verhogingen toonden aan dat het vaak niet mogelijk is om deze verhoging door te berekenen aan klanten. Deze maatregel zal de marge en omzet van de ondernemers in bijvoorbeeld de detailhandel, horeca, recreatiesector en de bouw nadelig beïnvloeden.
  • De beperking voor een aantal aftrekposten in de inkomstenbelasting zoals de zelfstandigenaftrek en de MKB-winstvrijstelling door de tariefsverlaging: met ingang van 2020 wordt deze aftrek afgebouwd. Vanaf 2023 geldt een maximale aftrekbaarheid tegen 37,05%, terwijl deze aftrekposten nu tegen maximaal 51,95 aftrekbaar zijn.
  • De beperking van afschrijving op gebouwen in de vennootschapsbelasting.
    Ondernemers kunnen gebouwen in eigen gebruik alleen nog afschrijven als die op de balans staan voor een bedrag hoger dan de WOZ-waarde. Het kabinet stelt thans wel voor dat de belastingplichtige alsnog 3 jaar volgens het oude regime mag blijven afschrijven, als het gebouw vóór 1 januari 2019 door de belastingplichtige in gebruik is genomen en op dat gebouw nog geen 3 jaar is afgeschreven.
  • De verliesverrekening wordt beperkt; verliezen geleden in 2018 zijn nog 9 jaar te verrekenen; verliezen geleden in 2019 en latere jaren nog maar 6 jaar.
  • De verhoging van het tarief in box 2. Van 25% naar 26,25% in 2020. In 2021 gaat het tarief naar 26,90%. Deze heffing geldt voor de directeuren grootaandeel-houders (dga’s). Het kabinet compenseert met deze maatregel de lagere winstbelasting voor ondernemers die vallen onder de vennootschapsbelasting.
  • Het kabinet gaat de zogenoemde rekening-courantmaatregel uitwerken. Door deze maatregel moeten directeuren-grootaandeelhouders met een schuld bij hun eigen bv, over bedragen boven € 500.000 euro belasting gaan betalen. Het meerdere boven € 500.000 wordt gezien als winstuitkering. Bestaande, maar ook nieuwe eigenwoningschulden worden echter uitgezonderd, zo blijkt uit de meest recente plannen die bekend zijn gemaakt naar aanleiding van het schrappen van de afschaffing van de dividendbelasting.

Gevolgen voor jouw situatie
De gevolgen voor het MKB van het nieuwe Belastingplan zijn dus minder rooskleurig dan wordt voor gedaan. Afhankelijk van de omstandigheden kan het zinvol zijn om jouw situatie te beoordelen, zodat je kunt anticiperen op de toekomstige belastingplannen. Neem daarvoor contact met ONS op. Wij denken graag met je mee.

Over de auteur: Miranda Lenting is fiscaal adviseur bij ONS Belastingadviseurs en helpt ondernemers bij het toepassen van de fiscale wetgeving. Daarnaast is zij gespecialiseerd in mediation.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *